Posts tonen met het label VNF. Alle posts tonen
Posts tonen met het label VNF. Alle posts tonen

vrijdag 27 oktober 2017

Tuus

Tuus: we zijn weer thuis, althans, ms Jeanette ligt weer in haar thuishaven, het Inundatiekanaal te Wijk bij Duurstede.Thuis is een relatief begrip als je op een schip woont. Je neemt je hele hebben en houden mee, waar je ook gaat. Alleen het uitzicht en de bakker zijn steeds anders...
Maar toch voelt het heel anders, nu we weer in Wijk liggen: het drijvend terras, de paarden in het weiland, mijn 3 kippen die 's ochtends om hun ontbijt komen vragen, de buren, de geluiden van de pont die aanlegt, de kerkklokken. En natuurlijk de vele reacties ("welkom terug!").

Maandag 23 oktober zijn we gedraaid in de Wolwevershaven van Dordrecht waar we vanaf donderdag lagen. Prima plek, mooie historische haven, een aansluiting voor walstroom. De eerste dagen mag je hier als historisch schip gratis liggen.
Zaterdag gegeten in Villa Augustus, een heerlijke plek. Zondag bezoek van Ellen en Annelies.
Qua lengte konden we net draaien in het meest brede gedeelte. De Centrale Brugbediening opgeroepen, de Damiatebrug draaide open en wij gingen de Noord op, richting Rotterdam. Het weer was goed, wel een stevige wind.
Begin van de middag aangelegd in Schoonhoven, voor de deur van Hotel Belvedere onder die prachtige platanen. Mooi stadje, Schoonhoven. Ook dinsdag nog gebleven.
Woensdag onze laatste etappe: op weg naar Wijk... Na een uur of 5 varen lagen we dan eindelijk weer vast in het Inundatiekanaal. Op 5 april waren we weg gevaren, eerst 3 weken op de werf in Vreeswijk, toen op weg naar Frankrijk. Bijna 2000 kilometer gevaren door smalle, soms modderige Franse kanalen. Zo'n 275 sluizen gepasseerd en een stuk of 5 tunnels waarvan de eerste bij Ham de engste was en de laatste, die bij Riqueval in het Canal St. Quentin, de langste met bijna 6 kilometer.


Tja, en wat heb je nu geleerd of waar ben je achtergekomen?
Nou bijvoorbeeld dat ik geen nomade ben, ik wil mij ergens vestigen, wortelen. Zal mijn boerenafkomst wel zijn. En dat je, ook al neem je je eigen huis mee, toch niet echt thuis bent. Je bent onderweg.
En dat varen door Frankrijk ook hard werken is, soms wel 20 sluizen op één dag. En de route uitstippelen, controleren bij de site van de VNF of er genoeg water staat, of de sluizen bediend worden, waar je eventueel kan liggen
En de onverwachte tegenslagen: een motor uit 1923 die kapot gaat, de hydrofoor die er mee uit scheidt, pompen die dienst weigeren, een kapotte afsluiter. En dan blijkt dat er iedere keer weer een oplossing komt: door eigen inventiviteit, door anderen die willen helpen, door een portie geluk. Dat geeft vertrouwen.
Maar toch is het iedere keer als je een ligplaats verlaat weer spannend: waar zullen we vanavond liggen? Zal er plek zijn? Hebben we nog genoeg stroom?
Wat ook fijn was: dat we ons eigen drinkwater konden maken en dat de nieuwe dunne film zonnepanelen uitstekend functioneerden.
En het fijnste was misschien wel dat Katheline en de schipper het uitstekend met elkaar konden vinden, dat we een goed team waren, dat het iedere dag weer genieten was van onze gezamenlijke onderneming en van elkaar.

Nu weer wennen aan het "gewone leven", maar we blijven onderweg....

zondag 30 juli 2017

Canal des Ardennes

Het is een prachtig kanaal: Canal des Ardennes. Maar wel erg bewerkelijk. Niet alleen is het heel smal en ondiep zodat je precies midden in het vaarwater moet blijven, anders loop je uit je roer.
En 6 km per uur is echt het maximum. Maar het heeft ook nog eens heel veel sluizen. In het traject na Le Chesne maar liefst 26 sluizen over een afstand van 9 kilometer. Heel even overwogen we om die allemaal op dezelfde dag te doen maar we werden wijzer en hebben overnacht in Neuville. In feite vaar je de ene sluis uit om onmiddellijk weer de volgende in te varen. En op zich gaat dat best vlot. We hadden gelukkig weinig tegenliggers. Maar die paar keer dat er wel tegemoetkomend verkeer was moet je wel omzichtig manoeuvreren.
En bij één sluis was er panne en moeten de mannen (en heel soms een vrouw) van de VNF even helpen. Deze mensen rijden de hele dag van de ene sluis naar de andere om het zaakje aan de gang te houden. We kwamen ook nog onze buurman voor 3 weken uit Donchery tegen. Na Neuville de rest van de sluizentrap afgedaald. Het kanaal laat schepen toe tot 5.05 meter breedte, precies de afmeting van de Jeanette maar gelukkig hielden we aan beide zijden toch nog een paar centimeter over.





Woensdag kwamen we in Attigny aan waar we een dag bleven.

We lagen bij een oude silo waar nu onder meer een voorlichtingsbureau voor hernieuwbare energie in gehuisvest was.

Vrijdag 28 juli door naar Rethel, een wat grotere plaats. Hier in Rethel zagen we ook eindelijk nog wat beroepsvaart: een paar spitsen van maar liefst 39 meter lang en 5.08 m. breed. Ook die schijnen door die kleine sluisjes te kunnen...
Dat weekeinde begon net het feest van St. Anne. Wat je daar vooral van merkt is een grote kermis. De ingang van de kermis bewaakt door gendarmes en vriendelijke roze betonblokken.

Zondag gefietst langs de Aisne en door de graanvelden.

dinsdag 4 juli 2017

Stuk in Donchery

Tja, die keerkoppeling...
Ik wilde eigenlijk de Tour de France doen, misschien wel tot de Middellandse Zee. Nou: in ieder geval tot Lyon. Lekker doorvaren. Toen bleek de Maas droog te vallen. Verdun was het verste punt, daarna waren de sluizen gestremd. Dus terugvaren naar Pont-à-Bar en via Canal des Ardennes. Wie weet hoever we dan nog komen. Maar afgelopen vrijdag, we waren nog 2 kilometer van Pont-à-Bar verwijderd, wilden we de laatste sluis invaren, die van Donchery. Katheline gebaarde dat we te snel gingen ook al had ik de keerkoppeling al in zijn vrij gezet. Dat vindt ze trouwens altijd, dat we te hard invaren. Maar drommels: staat ie eigenlijk wel in zijn vrij? Of draait de schroef nog gewoon door? Dat bleek inderdaad het geval. Toen ik vervolgens de keerkoppeling in de achteruit zette blokkeerde de hele voortstuwing en de motor viel uit. We gleden met een kilometer of 4 de sluis in. "Afremmen op de touwen, de motor is uit!" "En pas op je vingers!" Gelukkig is Katheline al zo'n ervaren scheepsmaat dat ze nog ruim voordat de we sluisdeur zouden doorboren het schip stil had liggen. Poeh!
Motor gecheckt: geen beweging meer in te krijgen behalve de vooruit. Omdat we al zo'n tijd stil in de sluis lagen kwam er iemand van de VNF aanrijden. We zijn toen maar gewoon naar beneden geschut en Katheline heeft het schip uit de sluis gesleept. Vastgelegd aan het talud, loopbrug uit, uithouders om niet op de keien te rijden. Dus we wonen nu voorlopig in Donchery. Iemand van een naburige dépannage gebeld om te komen kijken. Cedric kwam 's avonds langs maar zag er geen heil in

De hele zaterdag geprutst in de machinekamer om meer duidelijkheid te krijgen over de schade. Is het de interne remband? Of zijn er tandwielen uit het planetaire stelsel (die zorgen voor de omkeerbeweging) uit hun lagers gelopen? Reserve onderdelen voor een keerkoppeling uit 1923 zijn moeilijk te vinden. En trouwens, deze originele Brons keerkoppeling is zo zeldzaam dat er waarschijnlijk nog maar twee exemplaren van bestaan. Gelukkig hebben we de eigenaar van dat andere exemplaar gevonden toen we via Facebook hulp zochten voor de slippende keerkoppeling. Diverse tips van John uitgeprobeerd. We weten het nog niet.

Na  het gebeul zaterdag om een geblokkeerde keerkoppeling toch weer rond te tornen en een lange wandeling op de zondag werd ik zondagavond ook nog eens ziek. Griep? Het is alsof het lot wil zeggen: "Henk, je wilde het toch even rustig aan doen? DOE DAT DAN OOK!" Dus dat doen we nu. We hebben ons nog niet gemeld bij de Burgerlijke Stand van Donchery maar de komende twee weken zullen we hier wel blijven. Net kennis gemaakt met de oude buurvrouw, de bakkersdochter. Haar man twee jaar geleden overleden, ze woont met haar kat.

En hoe het verder gaat? John gaat binnenkort samen met zijn broer proberen om de koppeling te demonteren, terug naar Krimpen te slepen, te repareren en er weer terug in te zetten. Ik hoop dat het lukt. Het deed me ook denken aan vroeger toen ik nog klein was en familie vroeg wat ik wilde worden: "kluizenaar". Ik weet niet waarom, misschien omdat je dan alles zelf kan regelen. Maar inmiddels weet ik beter: je bent niets zonder de anderen, je kan weinig uitrichten in je eentje. We hebben elkaar nodig. En Iers gezegde luidt: "it is in the shelter of each other that the people live". Kijk als je tijd hebt (NU bijvoorbeeld) naar dit filmpje.


zondag 25 juni 2017

De Maas staat droog

Het idee was om de Maas helemaal op te varen en vervolgens via Toul het Vogezenkanaal (Canal des Vosges) op om op de Petit Saône te komen en vervolgens de Saône. En dan via Canal du Centre en Canal Lateral à la Loire weer naar boven via Parijs. Maar ja. Die droogte hè. Gister lazen we op de site van de VNF dat nu, nadat de laatste 5 sluizen al eerder gestremd waren, nu alle sluizen vanaf Belleray (sluis 18) voor alle scheepvaartverkeer gesloten zijn.
Belleray is de eerstvolgende sluis na Verdun.
Dus we zijn vrijdag 24 juni vanuit Verdun weer op onze schreden teruggekeerd en via Velosnes (mooi dorpje aan de Maas) naar Stenay gevaren, een stadje met 3000 inwoners dat al dateert uit de Romeinse tijd en een mooi vroeg-middeleeuws centrum heeft.  Lorraine (Lotharingen) heet dit gebied. Het landschap is prachtig: weides met koeien, de Maas waar we afwisselend op varen of naast varen door het laterale kanaal, glooiende graanvelden, bossen, bomen. Onderweg veel bekijks. In Dun-sur-Meuse, waar we eerder een paar dagen  gelegen hadden, opnieuw diesel getankt (300 liter).
We liggen momenteel aan de oude loswal van de vieille forge, een oude fabriek. Mooi uitzicht uit de patrijspoort van de keuken: op 10 meter afstand van de barrage, de waterval, waarvan Katheline denkt dat we daar 's morgens met schip en al in afgegleden zijn. Maar dat is gelukkig afgelopen nacht niet gebeurd en we tarten ook deze nacht het noodlot. Aan de overkant is ook een oude waterkrachtcentrale van 700 kW.
Zondagmiddag het Europese Biermuseum bekeken in een oude brouwerij die gehuisvest was in een nog ouder gebouw dat deel uitmaakte van de citadel van Stenay.



zondag 11 juni 2017

Ecluse automatique?

Dacht ik dat het leven in een sabbatical vooral gemakkelijk zou gaan? Dat ik mezelf met “de stroom” mee zou laten gaan en dat ik zou leren wat dat is, zonder inspanning toelaten wat gebeurt? Zonder werk zou me dat lukken. Maar nee hoor we gaan niet stroomafwaarts, haal dat maar uit je hoofd.  We varen nu al weken stroomopwaarts op de Maas/la Meuse.  Bij de sluizen worden we dan ook steevast omhoog geschut, zoals dat heet als je tegen de stroom opvaart.  Soms wordt je  1.70 m en  soms 3.50 m omhoog gebracht. Als we vijf sluizen op één dag doen zijn we zo’n 13 meter gestegen.  Om de drie tot vijf kilometer hebben we een sluis en we ervaren het als even bijkomen als de volgende sluis pas na 8 kilometer komt.
Sinds enige weken hebben we alleen nog maar automatische sluizen. Er is op zo’n sluis terrein dus geen kip te zien. Niemand die vanuit een sluishuisje meekijkt of alles wel goed gaat. Of die een helpende hand komt bieden. Of het water langzamer kan laten stijgen of dalen in de kolk.  Wellicht worden we via de camera’s bekeken. Het zijn hele oude krakkemikkige sluizen. Toch werken ze met elektronische ogen zeggen ze, waar die zijn zie je niet en wat ze waarnemen, wij weten het niet precies.  Hopelijk signaleren ze dat je de sluis helemaal bent ingevaren en dat je de sluis weer helemaal bent uitgevaren?
Wat zo grappig is, jij kunt zelf, met een heuse afstandsbediening dit soort sluizen in werking zetten.  Bij de laatste bediende sluis in Givet kregen we een afstandsbediening overhandigd met uitleg op papier.  Het begint zo: 300 honderd meter voor de sluis moet je binnen 20 meter van een bord dat op de wal staat met “ HERE HIER ICI “ op de afstandsbediening drukken. We moeten best dicht langs de wal varen om de sluis te activeren. Als er dan een lichtje gaat knipperen op het ICI bord gaat de sluis in werking.  Je vaart naar de sluis en ziet aan de groene, rode lichten waar in het proces van voorbereiding de sluis is om je schip te gaan schutten.

De éérste automatische sluis die wij namen (Mouyon) zagen we dat hij goed startte. Eén groen en één rood licht. Even later hoorde we harde hoge en lage tonen en we dachten dat we zagen dat de achterste deur niet echt sloot. We zijn terug gevaren en hebben weer de sluis geactiveerd. We zagen een auto van de VNF ( soort ANWB voor de sluizen) aankomen rijden.  De man van de VNF ging aan het werk op de sluis waarna de sluis open ging. De man reed weer weg en we zwaaiden. Eenmaal in de sluis kun je altijd rustig aanleggen, want het schutten gaat pas starten nadat jijzelf een blauwe stang omhoog getild hebt. 
Dan sluiten de deuren achter het schip en begint de sluis van voren vol te lopen. In het begin rustig en dan ineens in 10 tellen wel een hele meter. Zelfs ons schip dat niet veel ruimte heeft aan bakboord en stuurboord ligt soms te dansen op het onrustige water. Het was gelukt: we waren naar boven gebracht en we horen een geluidsignaal, de deuren voor gaan open. Ik sta voorop en zie dat de deur 10 cm opent en daarbij enorme hoge en lage harde tonen produceert. Een prachtig klankorgel hoor. Maar mijn focus was relaxed weer uit de sluis komen. De deur blijft steken, sluit weer en direct start het proces ”dat de kolk weer wordt leeg gespuit”. Hyper alert reageert Henk door achter het touw weer vast te maken. Henk belt de sluiswachters van Givet die ons veilig door de tunnel van Ham hadden geloodst. Hij hoort dat hij op het sluishuisje een telefoonnummer kan vinden om de hulp van de VNF in te roepen. Gelukkig gingen we niet steeds omhoog en naar beneden tot de hulptroepen kwamen.  
Na ruim een kwartier wachten en weer omhoog schutten ging de deur met veel prachtige, diepe kraak en tonen open. Voor mij klonk dit als helende boventonen, bevrijdend. Onze eerste ervaring met automatische sluizen was een vuurdoop. Het deed me ook denken aan mijn eerste ervaring met een computer 25 jaar geleden uit het C-prompt tijdperk. Ik voel me soms overgeleverd aan voor mij nieuwe technische ontwikkelingen en weet niet of ik zelf heb bijgedragen aan of iets mis gaat. Nu gaan de sluizen heel soepel en zijn we meestal in 20 minuten omhoog geschut en alweer voorbij de sluis.